Cursisten met een inkomen via maatschappelijke dienstverlening of een leefloon of die ten laste zijn van één van deze categorieën (OCMW);
Asielzoekers die materiële hulp genieten;
Gedetineerden;
Minderjarigen die deelnemen aan het secundair volwassenenonderwijs in het kader van de samenwerking tussen de Centra voor Deeltijds Beroepssecundair Onderwijs en de Centra voor Volwassenenonderwijs;
Cursisten tussen 12 en 16 jaar die Nederlands tweede taal volgen (afsprakenkader Secundaire School & CVO);
Cursisten die een wachtuitkering of werkloosheidsuitkering krijgen en een opleiding volgen die door de VDAB erkend is in het kader van een traject naar werk;
Niet-werkende verplicht ingeschreven werkzoekenden die nog geen recht op een wachtuitkering hebben verworven;
Inburgeraars die een inburgeringscontract hebben ondertekend (inburgeringstraject volgen) of een inburgeringsattest behaald hebben of die een aanmeldingsattest van het onthaalbureau kunnen voorleggen voor de opleiding Nederlands 2de taal op RG 1 en 2.
Cursisten met een inkomen via een wachtuitkering of een werkloosheidsuitkering voor alle opleidingen die niet gevolgd worden in een door de VDAB erkend traject naar werk of ten laste zijn van één van deze categorieën;
Mindervaliden die in het bezit zijn van een van de volgende attesten (of personen ten hunne laste):
- een attest, uitgereikt door de bevoegde overheid, waaruit arbeidsongeschiktheid van ten minste 66% blijkt;
- een attest waaruit het recht blijkt op een integratietegemoetkoming aan gehandicapten;
- een attest waaruit de inschrijving bij het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap
blijkt.
Alle cursisten die gedurende twee opeenvolgende schooljaren opleiding gevolgd hebben in een Centrum voor Basiseducatie gedurende ten minste 120 lestijden en dit voorafgaand aan het schooljaar van inschrijving in een CVO.
Alle andere cursisten voor een opleiding Nederlands tweede taal.
!! De attesten mogen bij inschrijving niet ouder zijn dan één maand !
Combinaties van reducties (bv. Basiseducatie en NT2): voorrang van de soort reductie op het studiegebied.